In Zevenhuizen is veen op klei de bepalende factor onder elke vierkante meter die wij aanpakken. Het dorpslint langs de Rotte staat op restveen boven de oude zeeklei, terwijl de omringende droogmakerijen Tweemanspolder, Eendragtspolder en Zuidplaspolder een kleibodem hebben die pas na het droogmalen bloot kwam te liggen. Op het veen is de draagkracht laag en blijft bestrating nazakken, dus ophogen met menggranulaat in plaats van zand en een ruim cunet voorkomen dat je over een paar jaar opnieuw moet straten.
Zout strooien op een pad langs een border spoelt bij dooi de bermstrook in, dus gedoseerd strooien beperkt de schade aan de bodemstructuur naast de verharding. Verticuteren op een ondiep wortelend gazon scheurt de zode los in plaats van alleen het vilt te verwijderen, dus een lichtere afstelling is hier op zijn plaats. Een tuin in Zevenhuizen-West die op een oude zandophoging ligt, droogt aan de oppervlakte sneller uit dan de omliggende veenpercelen en vraagt in de zomer eerder water. De stikstofgift kan in de zomer omlaag omdat de veenbodem zelf stikstof vrijmaakt, terwijl kalium op deze grond juist structureel aandacht vraagt bij de bemesting. Veengrond krimpt in een droge zomer en zwelt in de winter weer op, zodat een gazon dat in april vlak lag in oktober oneffen aanvoelt.
Daar komt de waterstand bij. De Rotte, de Zevenhuizerplas en de Eendragtspolder — die bij extreme neerslag als waterberging onderloopt — bepalen hier het waterbeeld.